Auriga.reismee.nl

Van Vonitsa naar Preveza

Op 23 september nemen we rond 12 uur afscheid van Vonitsa en worden we uitgezwaaid door twee buren, Julia en ??, die mogelijk volgend jaar mee op de dieplader naar Nederland wil. Er staat een mooi zeilwindje maar helaas....de zeilen zitten alweer opgevouwen in hun zak. Dus motoren we langzaam richting Preveza, tot de hoek met halve wind, en daarna met een voordewindse koers. We kijken goed of we nog een laatste schildpad of dolfijn kunnen spotten, maar zien niets. We varen langs een aantal fishfarms waar de meeuwen gefrustreerd omheen vliegen en langzaam komt Preveza, ons eindstation, in beeld. We hebben besloten om nog niet voor anker te gaan liggen bij Marina Preveza, maar om nog een nachtje aan de ‘overkant' aan de stadskade van Preveza door te brengen. We kunnen dan nog even de stad in en nog een laatste keer eten bij ‘Jannies'. De wind waait uit het Oosten en het water voor de stadskade is daardoor wat onrustig, maar even verderop is de ingang naar een grote kom (onafgemaakte Marina) waar je rustig kan liggen. We varen langs de wiebelende boten aan de stadskade richting de kom en zien dan ineens de boot van Peter en Bep liggen. Gezellig! Zullen we dan toch maar aan de stadskade gaan liggen? Peter en Bep staan al klaar om onze achterlijnen aan te pakken en nog geen 5 minuten later valt het anker op de bodem en liggen we aan de stadskade, dansend op de deining. Die avond drinken we met Peter en Bep een borreltje in het tentje tegenover onze boten en eten samen een hapje bij ‘Jannies'. Slapen lukt in het begin niet, want we liggen weer eens pal voor een tentje met luide muziek. 

De volgende morgen breekt dan toch echt het moment aan dat we naar de overkant moeten, naar Marina Preveza, waar de boot om 12 uur uit het water zal worden gehesen. Om kwart voor 11 maken we los en halen we het anker op, en een kwartiertje later leggen we alweer vast naast de kraan, waar we opgewacht worden door drie mannen in overal. Ons laatste uurtje in het water.......We tanken nog snel even de dieseltank vol, spoelen de motor door met zoet water en treffen de laatste voorbereidingen. Stipt om 12 uur gaat de boot de kraan in en worden de singels vastgemaakt, precies op de plek die het stickertje op de romp aangeeft. Dan wordt ons bootje langzaam omhoog gehesen en komt het onderwaterschip tevoorschijn. We willen wat foto's maken maar eh....waar is het fototoestel eigenlijk? Aan boord ...en daar kunnen we voorlopig even niet bij! Het onderwaterschip is tot onze verrassing nauwelijks aangegroeid met algen, kokkels, pokken, schelpen en andere beesten. Alleen de waterlijn is erg smerig van de olieachtige troep die in Vathi in het water lag. En de hogedrukspuit  krijgt de troep niet weg. Dat wordt straks boenen! Na het afspuiten gaat de kraan rijden, op zoek naar een plekje waar ons bootje de winter kan doorbrengen. En wij lopen er achteraan, als een hondje achter zijn baas.... Twee mannen lopen vooruit om alvast een bok op te bouwen. Na ongeveer 100 meter stopt de kraan en zien we de plek waar de bok wordt opgebouwd. Femke kijkt eens goed en ziet dan dat de plek niet geschikt is en roept de mannen erbij. Wat blijkt? Niet gewend aan masten die eraf gaan en op de boot komen te liggen (alle boten worden met staande mast weggezet), is geen rekening gehouden met voldoende ruimte achter de boot voor de uitstekende mast. Dus wordt de bok weer afgebroken en helemaal aan het eind van het terrein opgebouwd. Lekker veel ruimte daar om ons heen, prima om de komende dagen lekker te kunnen rommelen. Er is water en electra dus we kunnen mooi nog even de romp wassen, de motor winterklaar maken en de accu's volladen. Ons bootje wiebelt boven de bok tot de kraan haar laat zakken en ze steun vindt aan de 6 ondersteuners. Nu alleen nog even de mast eraf.  Een medewerker van Marina Preveza klimt op een ladder die op het dek staat (wat zou de arbeidsinspectie hiervan vinden?) en bevestigt een lus om de mast en de zalingen. Dan koppelen we de electradraden uit de mast af,  maken we de stagen los en trekken we de borgingsbout eruit. De kraan wordt in beweging gezet en al snel zweeft de mast boven de boot richting de bokjes op de grond. We besluiten vandaag geen nieuwe klussen meer te gaan doen, nemen een lekkere douche en gaan eten in het restaurantje van Marina Cleopatra. Die nacht slapen we op grote hoogte op de bok en voelen we de boot af en toe licht schudden. Weer eens wat anders!

De volgende ochtend na een ontbijtje aan boord, beginnen we met het winterklaar maken van de motor, wat we voor het eerst helemaal zelf doen. Na aankoop van een zuigpompje beginnen we optimistisch met het aftappen van de oude motorolie, het vullen met verse olie en het vervangen van het oliefilter. Dat gaat goed. Dan schroeven we het brandstoffilter los en knoeien we flink wat diesel, ondanks het plastic zakje dat we eronder houden. De diesel zuigen we op met wat doeken en keukenpapier en we draaien het nieuwe filter erop. Die zit. Dan moet er ontlucht worden, maar welke schroef moeten we ook alweer losdraaien? We pakken de handleiding erbij en vinden de juiste schroef, maar die wil niet los. Is het wel de juiste schroef? En moeten we niet ook eerst het fijnfilter met waterscheider vervangen? En daarna moet de antivries nog door de motor heen. We besluiten er maar mee te stoppen en morgen een monteur de rest te laten doen; de motor moet het tenslotte in het voorjaar wel er goed doen! We rommelen die middag nog wat in en om de boot en nemen een kijkje bij Peter en Bep die met hun boot op de wal bij Aktio Marina liggen. We doen ons verhaal en Peter biedt heel aardig aan morgen even te helpen met de motor. Hij zal dan ook gelijk de popnageltang meenemen om de internetantenne de mast te bevestigen. 's Avonds zoeken we de taveerne aan het eind van het terrein op, waar Peter en Bep na een kwartiertje aanschuiven en we gezellig samen eten.

De volgende ochtend zien we Peter (van Bep)  al vroeg verschijnen en hij help ons geweldig met de popnagels en de motor. De motor wordt ontlucht, het fijnfilter met waterscheider vervangen en de motor doorgespoeld met antivries. Klaar! Volgens Peter gaat het de volgende dag flink waaien en regenen. Dat betekent dat we vandaag nog de boot in de was moeten zetten! Dus snel aan de slag, eerste de smerige waterlijn schoonmaken, boot in de shampoo, cleaner, was, ladder op ladder af, tussendoor nog een bontewasje draaiend en ophangend. En dat bij een graad of 30! Dat hebben we in Nederland nog nooit meegemaakt, dat we de boot winterklaar maken in de hitte en in zwembroek! Een paar uur later doen onze armen, schouders en rug zeer maar zit er weer een mooie glans op de romp. Wel zijn we redelijk wat krasjes en matte plekken tegengekomen, maar ja, de boot is dan ook een half jaar intensief gebruikt en op een blauwe romp zie je alles. 's Avonds eten we nog een keer met Peter en Bep in de taveerne. Zij vliegen de volgende ochtend al terug naar Nederland, wij hebben nog een paar dagen te gaan.. Na het eten zoeken we de hotelkamer op die we voor de laatste 3 nachten bij Marina Cleopatra hebben gehuurd. Beetje hard bed, maar van vermoeidheid vallen we zo in slaap en voelen we niets meer. 

De volgende dag valt de regen al vroeg met bakken uit de lucht. Blij dat we in de hotelkamer zitten! Na een ontbijtje in het restaurant lopen we naar de boot en pakken we vier sporttassen in met alle spullen die mee terug gaan naar Nederland. Dat wordt overgewicht! Als het even droog is brengen we de tassen weer naar de hotelkamer, waar we de rest van de middag lekker lui doorbrengen. Helaas zonder douche, want die geeft alleen ijskoud water nu de zon niet schijnt en ze vergeten zijn de electrische verwarming aan te zetten... We eten 's avonds met Kitty en Bert (die we in Sivota ontmoetten) in het eettentje van Cleopatra Marina. Zij zijn ook druk in de weer met het winterklaar maken van hun boot en vliegen gelijk met ons terug.

De volgende ochtend schijnt de zon weer en eten we met al onze ‘restjes' een ontbijtje op het terras van onze hotelkamer. De drie eieren die we overhadden koken we in de waterkoker en dat lukt prima. Dan gaan we naar de boot voor de laatste klussen, te beginnen met het op de boot terugleggen en vastbinden van de mast. Dan gaat de railing eraf, vullen we alle ontluchtings- en afvoergaten in de romp van de boot met doeken (tegen het nestelen van spinnen, wespen en ander ongedierte), schuren we pokjes van de schroef en brengen we het loodzware dekkleed aan. Omdat we morgen nog een gewassen slaapzak moeten terugleggen in de boot, sluiten we nog niet definitief af. Dat doen we morgen, als we ook een langere ladder hebben voor het dichtrijgen van de voorkant.  's Avonds eten we weer in de taveerne op de hoek  en 's nachts giet het als een gek (ook hier is de herfst even aangebroken).

En dan is onze laatste dag alweer aangebroken! Vanavond om half 9 vliegen we met Transavia terug naar Amsterdam, met een tussenstop op het eiland Keffalonië. We hebben afgesproken om te gaan ontbijten in de stad Preveza. We nemen het werfbusje van 10 uur naar de stad en zoeken een leuk terras op. Na het ontbijt gaan we nog even pinnen, lopen we de winkelstraat door en kopen drie zaterdagkranten voor in het vliegtuig. Om 12 uur brengt het busje met de neuspeuterende chauffeur ons weer terug naar de werf. We hadden ons al in ‘vliegtuigkleren' gehuld, maar ineens is het zo warm dat het een en ander weer uit kan. We brengen de laatste spullen naar de boot en koppelen nog ‘even' de acculeidingen los van de accupolen. Hiervoor moeten alleen alle spullen die in de hondekooi liggen weer verplaatst worden! Een uurtje later rijgen we het dekzeil aan de voor- en achterkant dicht en is de boot is klaar voor de winter. We lopen nog een keer om de boot heen, maken een paar foto's en zeggen ons bootje gedag. Even slikken....We lopen terug naar de hotelkamer, nemen een douche en pakken voor een tweede keer de tassen in. Nog even een hapje eten en dan kan de taxi komen! We eten weer samen met Kitty en Bert, die ook klaar zijn voor vertrek. We beginnen buiten met een drankje maar als snel begint het weer te druppen en zoeken we een plekje binnen. Als de taxi's komen giet het inmiddels flink en eenmaal op het vliegveld blijkt al snel dat we vertraging zullen hebben omdat het vliegtuig vanwege het slechte weer niet in Preveza kan landen. In de wachtruimte komen we Kitty en Bert weer tegen en samen met de andere passagiers 'doden' we de tijd. We kletsen wat, lezen oude Libelles en kopen nog wat in de taxfreeshop.. .En dan klinkt de oproep voor vertrek en rennen we door de regen naar het vliegtuig. We zoeken onze plaatsen, luisteren naar de veiligheidsinstructies en maken de riemen vast. Dan stijgen we op en zit onze reis erop.... Dag Griekenland, dag boot, dat fijne vakantie!

PS We vinden het geweldig dat jullie ons gevolgd hebben op onze reis en willen in het bijzonder Jan, Judith & Govert, Cor, Daniela, Marion & Jan, Liesbeth, Wilma, Danielle, Rein, Evelien, Bob, Saskia, Chelly, Lot, Lya, Esther & Arjen, Bert & Carla, Age & Tanny, Luc, Ditty & Richard, Anton, Karin & Lex, Anneke, Peter & Sue,  Thom, Martin & Clare, Heske, Sjoerd & Ingrid, Peter & Marian, Guda & Ronald, Nol, Leny & Merel,  Walter, Dennis,  Quirijn & Merei, Paul, Marianne & Henk, Jeroen & Farida, Eric, Roel & Anja, Jaco & Letty, Petra, Erna & Willem, Ilse & Bart, Gijs,  Anke, Josje & Cor, Ronald & Nadia, Inez & Carl, Daan, Ton, hartelijk danken voor de trouwe, leuke, meelevende, bemoedigende, grappige reacties op onze verhalen! 

5 reacties | reageer

Van Sivota naar Spartachori naar Vathi naar Ormos Kalpos naar Lefkasstad naar Vonitsa

En inderdaad.... De zon laat zich weer zien op zondag 12 september en we vertrekken naar Spartachori op het eiland Meganissi. Peter en Bep van tweemaster Petros leggen in Spartachori altijd aan bij ‘Babbies', een stevige Griek die op zijn brommer toesnelt als je een plekje zoekt en die je uitnodigt om 's avonds een hapje in zijn restaurant te eten. Na een mooi tochtje tussen het eiland Lefkas en Meganissi varen we de baai van Spartachori binnen. Zodra we de pier van ‘Babbies' hebben gevonden, komt Babbies al aantuffen en geeft hij ons een plekje helemaal achterin het kommetje.  Die middag loopt Femke naar het nabijgelegen strand om te zwemmen en daarna nemen we de steile trappen naar het dorp helemaal bovenop de berg. Puffend komen we aan bij het ‘balkon' om te genieten van een prachtig uitzicht, tot aan Lefkas toe. Spartachori is een schattig dorpje met smalle stenen straatjes waar op zondag geen kip loopt. Oude vrouwtjes zitten op het terras voor hun huis te borduren en poezen glippen voor je voeten weg. En overal hangen aan pergola's enorme druiventrossen, helaas te hoog om van te kunnen snoepen. We doen boodschappen bij een supermarktje dat op zondag open is en dalen met nieuwe yoghurt, fruit en groenten af naar de haven. Die avond eten we in Babbies' ‘eetschuur' met TL-verlichting. Maar de schuur is vol en het eten smaakt goed.

De volgende ochtend wil Femke de schoongeweekte was even spoelen en krijgt daarbij een aanvaring met de Britse buurman drie boten verder die op botte wijze kenbaar maakt dat hij niet wil dat Femke de was doet bij zijn boot, waar de waterkraan en waterput is. Geen zin in discussie en met boze blik gaat Femke demonstratief twee meter verderop zitten spoelen, heen en weer lopend naar de waterkraan en de waterput. We hebben het er later met een andere Britse buurman over, die als verklaring voor zijn botte gedrag geeft: Oh, hij komt uit het zuiden van Engeland (hijzelf komt natuurlijk uit het Noorden). Na de was vertrekken we voor een wandeling, de steile trappen weer op naar het dorp. We lopen een rondje door de smalle straatjes waar Peter verlekkerd kijkt naar de druiventrossen die afgeknipt worden. De knippende familie ziet Peters blik en geeft hem een grote tros druiven in zijn hand. Efcharisto!  Al druiven snoepend lopen we verder en komen we bij een luxe hotel met een machtig uitzicht op het eiland Skorpios en wijde omgeving. We besluiten wat te drinken aan het zwembad, dat over lijkt te lopen in zee. We vragen de ober of we ook een duik mogen nemen (we hebben onze zwemspullen bij ons) en dat mag! Even later zwemmen we op grote hoogte in het brede zwembad parallel aan zee. Daarna hebben we honger dus we eten ook maar een hapje en voor we het weten is onze luxe middag aan het zwembad voorbij. Éven overwegen we nog om ons verblijf op de boot in te ruilen voor een verblijf in het hotel, maar ons knusse bootje trekt toch ook wel, dus ‘s avonds eten we weer gewoon bij Babbies' eetschuur.

Vandaag gaan we verder naar (klein)Vathi, een volgend dorpje op het eiland Meganissi. Een kort tochtje, dus we maken nog een rondje om Skorpios, het eiland van Onassis, waar hij vaak met Jacky Kennedy vertoefde. Het eiland is nog steeds in bezit van familie en niet toegankelijk voor publiek. Wel mag je er met je boot omheen varen, je anker laten vallen in één van de baaien en zwemmen tot aan het strand.  We varen een rondje linksom en zien de villa's, de haven (waar het jacht Christina lag waar Onassis altijd in sliep), de kapel (waarbij Onassis, zijn zoon en dochter begraven zijn) en het strandhuisje in Cycladenstijl dat Jacky  liet bouwen om tot rust te komen. Een mooi eiland met een bijzonder verhaal. Na het rondje linksom zoeken we de baai van Vathi op en meren af aan de stadskade, vlakbij een parkje met speeltuin. We liggen nog geen half uur of we horen de priester van de nabijgelegen griekse orthodoxe kerk zingen, niet ‘unplugged' maar ‘plugged' via enorme luidsprekers. We kunnen elkaar op de boot bijna niet meer verstaan. Kyrielyson! Die middag brengen we op en om de boot door en 's avonds eten we een hapje in een Italiaans tentje aan het water. Femke bestelt een kleine pizza maar die blijkt enorm te zijn, net zoals de kleine pizza van de Britse buurman, die voor het eerst met zijn vrouw zonder kinderen op vakantie is. De ´kleine grote pizza´ schept een band dus al snel raken we aan de praat over van alles en nog wat. En vraagt Femke na een paar wijntjes of er inderdaad er een verschil is tussen Engelsen uit het Noorden en Engelsen uit het Zuiden.

De volgende ochtend gaat Femke op zoek naar een douche, die niet te vinden is.....Als ze (ongewassen) terugkomt bij de boot, is Peter in gesprek met Frank en Anna, twee Nederlanders die met hun Trintella IV in de baai achter Vathi voor anker liggen. Een prima baai om te ankeren volgens hen, dus we besluiten nog die middag naar Ormos Kalpos te gaan. Frank en Anna nodigen ons alvast uit voor een drankje bij hun aan boord. Na een uurtje varen komen we aan bij de baai die zich vertakt in drie kleinere baaien. Waar zouden Frank en Anna liggen?? Baai voor baai turen we door de verrekijker naar een Trintella IV. Was dat nou een tweemaster of niet?? En hoe heette de boot ook alweer? Na lang zoeken vinden we ze, helemaal in de hoek aan een strandje. We ankeren op enige afstand van hen en brengen twee lijnen uit naar de wal. En doen nog een paar plastic flessen om de lijnen tegen de ratten..Wij hebben ze gelukkig nog niet aan boord gehad maar de verhalen kennen we. We zijn welkom voor een lunch en nemen een flesje wijn (nog uit Kroatie), wat druiven en meloen mee. Met het bijbootje peddelen we naar ze toe en bewonderen hun oude Trintella en herkennen sommige details van ons vorige bootje, een Trintella 1A. We schuiven aan in de kuip en krijgen een lekkere salade voorgezet, die we met rode wijn en ‘tinto de verano' (ja Inez en Carl, het recept is bij deze weer doorgegeven) opeten. Na een gezellig middagje peddelen we terug naar de boot en zwemmen nog wat. Die avond eten we brood en genieten op het dek van de rust, de ondergaande zon en opkomende sterrenhemel .

Na een stille nacht en een ontbijtje van onze voorraadcrackers (alles moet nu op...) vertrekken we naar Lefkas stad. Er staat weinig wind en we tuffen langzaam op de motor naar het Noorden. Langzaam, om nog zo lang mogelijk te kunnen genieten van de zee en de bergen, want zodra we bij Lefkasstad het kanaal ingaan, nemen we afscheid van het mooie gebied waar we de afgelopen drie maanden vertoefden en zo hebben genoten. Toch ontkomen we niet aan het moment dat de rode en groene ton van het kanaal in zicht komt. We kijken nog een keer achterom en zeggen de eilanden gedag....Met de maximum toegestane snelheid van 4 knopen varen we het kanaal in en zoeken na 5 mijl een plaatsje aan de pier bij de stadskade. We willen liever niet in de grote Marina liggen waar je nogal opgesloten ligt en waar we 39 euro voor een nacht betalen. We zien een plekje, laten ons anker zakken en geven onze achterlijnen aan een visserman. Na een half uurtje steekt de Britse buurman zijn hoofd uit de kajuit en zegt dat het de vraag is of we kunnen blijven liggen. De ligplaatsen aan de pier zijn vaste betaalde plekken en de kans is groot dat de eigenaar van 'onze' plek vandaag nog terug komt. We besluiten af te wachten tot het eind van de middag voordat we eventueel gaan verkassen. We gaan de stad in, pakken een terrasje en doen boodschappen. Bij terugkomst horen we van een ander dat de eigenaar vandaag zeker terug zal komen. We maken los, halen het anker op en hopen nog een plekje verderop aan de stadskade te kunnen vinden. We kijken en kijken en zien nog een gat waar ons bootje precies tussen kan. Even later liggen we tussen een motorboot en het zeilbootje van een Zweedse solozeiler in. We eten 's avonds in het restaurantje waar we de vorige keer hebben gegeten tussen de bouwvakkers en monteurs in. Dit keer schuiven we als eerste aan en voegen zich andere toeristen bij ons. We besluiten nog een dagje in Lefkas stad te blijven om de stad wat beter te leren kennen; bij ons vorige bezoek hadden we namelijk ‘de places tot be' gemist! We doorkruisen de smalle straatjes en lopen door de winkelstraat. Voor Peter kopen we als souvenir twee houten ‘rozenkransen' om mee te spelen, zoals alle Griekse mannen doen. Waar je ook komt hoor je tik-tik-klik-klik en zie je een man met een kralenkettinkje in de weer, om stiltes op te vullen of om van de sigaretten af te blijven. Toch zie je ook rokende mannen met kralenkettinkjes spelen...  In de stad kunnen we nergens douchen maar op het strand verderop schijnt een douche te staan. Femke gaat op onderzoek uit en loopt de lange brug over. En inderdaad, op het strand een prima douche om even lekker de haren te wassen, maar eerst natuurlijk nog even een duik in het heldere water. Een ouder echtpaar maakt aanstalten om met de auto te vertrekken en Femke past weer haar ‘lifttruc' toe. Gaat u toevallig naar Lefkasstad? En zou ik over de brug mee kunnen rijden? De truc werkt weer en nog geen minuut later zit ze achterin de jeep van twee Zuidafrikaanse toeristen die een huisje op Lefkas hebben gekocht. Die avond gaan we niet uit eten, maar maken we een lekkere salade aan boord klaar. Morgen gaan we om 9 uur door de pontbrug!

De volgende ochtend om kwart voor negen halen we het anker op en varen langzaam richting de pontbrug, die om 9 uur, na het ‘brandweeralarm' open zal gaan. Het is niet druk, in tegenstelling tot de zomermaanden juli en augustus. Voor ons vaart een grote ‘George Clooneyboot', waardoor de pontbrug helemaal zal wegvaren en verkeer vanuit beide richtingen gelijk kan passeren. Nog even om de zandbank heen en dan ligt de zee richting Corfu weer voor ons open. Alleen gaan we die zee niet op, maar zullen we na zo'n 10 mijl het kanaal bij Preveza invaren, waar de boot op 23 september uit het water zal gaan. We hebben geluk, er waait een lekker windje uit de goede richting en dat betekent dat we op onze laatste vaardag nog even heerlijk kunnen zeilen! Na twee uur doemen ook hier weer de rode en groene ton op, die het begin van het kanaal markeren. We pikken het kanaal op, passeren de Marina en Preveza stad, en varen door naar Vonitsa, het leuke stadje 10 mijl verderop aan het binnenmeer. Hier zullen we een paar dagen blijven liggen om ons vertrek en het winterklaar maken van de boot voor te bereiden; zeilen en bimini eraf, poetsen van al het roestvrij staal en het polyester aan dek, boenen van de binnenboel, opruimen van alle spullen en beslissen wat wel en niet met het vliegtuig mee terug gaat. We hebben een mooi plekje met wijds uitzicht over zee, waar de rust alleen 's avonds laat even verstoord wordt door goedaardige hangjongeren. Tussendoor bezoeken we nog even de markt, gaat Femke naar de kapper en koopt Peter blikjes voer voor Blacky, de zwarte hond die drie jaar geleden door Duitsers van boord is gezet en nu een zwervend bestaan leidt. Gelukkig is er een Duitse vrouw (met catamaran en andere zwarte hond) die zich om hem bekommert en die weet dat hij in de zomermaanden blikjes eten krijgt van toeristen. In de winter heeft Blacky het zwaar maar is er een Griek die hem in de gaten houdt en bij wie hij af en toe onderdak krijgt.

De tijd glipt nu door onze vingers, morgen (woensdag 22 september) varen we op de motor naar de marina in Preveza, waar de boot een dag later (donderdag 23 september) rond 12 uur uit het water zal worden gehesen. Volgens weersite Poseidon staat er dan een windkracht 5 rondom Preveza...Hopelijk hebben we daar geen last van! Met het verstrijken van de tijd, komt ook het besef dat onze reis nu echt voorbij is. Het is gek te bedenken dat Femke over twee weken alweer aan het werk is! Maar voorlopig zijn we nog tot 28 september in Griekenland en gaan we genieten tot het eind! Tot het laatste verslag!

5 reacties | reageer

Van Trizonia naar Messolonghi naar Astakos naar Kalamos naar Sivota

We vertrekken uit Trizonia! Na een paar heerlijke dagen varen we om 7 uur de haven uit, uitgezwaaid door de Britse Sue en Peter, die ons nog een paar zoenen geven en Femke een afscheidscadeautje (Griekse olijfzeep) in de hand drukken. Wat een schatten! De avond ervoor hebben we met hen en de derde Peter met vrouw een ‘ouzoavondje' doorgebracht in de plaatselijke taveerne, heel gezellig. De harde wind van de afgelopen dagen heeft flinke verkoeling gebracht en afgelopen nacht hebben we weer een dekbedje over ons heengetrokken! En tussen half 7 en 7 uur hebben we zelfs heel even de kachel aangehad om de kou en het vocht bij het opstaan te verdrijven!
Met lange broeken en warme truien aan varen we uit, vroeg om te voorkomen dat we met forse (tegen)wind onder de brug door moeten, die zich op zo'n drie uur varen vanaf Trizonia bevindt. Al snel zien we een prachtige zonsopkomst en maken we een ontbijtje klaar. Zodra de zon wat kracht krijgt wordt het weer warm en kunnen de lange broeken en truien uit. We naderen de brug en we hebben een lekker windje mee! Zeilen dus! Wel een beetje motor bij om een snelheid van 6 knopen te halen, anders wordt het wel een heel lange tocht naar Messolonghi. Om  2 uur bevinden we ons weer aan het begin van het kanaal naar Messolonghi met de woonbootachtige huisjes op palen en om half 3 willen we een plekje zoeken in de Marina. Dit keer geen plekje aan de kade omdat we geen zin hebben in herrie 's nachts. De havenmeester komt ons met een bootje tegemoet varen en vraagt of we een plek in de Marina willen. Femke geeft aan graag aan de buitensteiger met uitzicht te liggen (weliswaar zonder water en electra maar dat hebben we niet nodig) en zodra we aanstalten maken om aan te gaan leggen, komt de havenmeester opnieuw naar ons toe om te zeggen dat we van zijn baas pas na 4 uur aan de buitensteiger mogen liggen. Als ik vraag of er dan een binnenplekje in de Marina voor ons is vóór 4 uur, zegt hij ineens dat de haven vol is. Jaja.... Buiten in het kommetje liggen al een stuk of 10 boten voor anker en we zoeken een mooi plekje ertussen in. We liggen prima en besluiten ook de nacht voor anker door te brengen en de Marina te laten voor wat het is. Geen walbezoek dus want met het bijbootje en maar 1 peddel is de kant te ver, maar dat vinden we niet erg. We hebben nog wel wat te eten aan boord, een gebraden kippetje uit Trizonia en wat rijst, tomaten en komkommer (Ja Arjen, het gaat inderdaad vaak om eten!). Boven Messolonghi en wijde omgeving hangen inmiddels grote zware wolken en we denken dat er misschien nog wel een (onweers)buitje gaat komen.  Maar dat valt mee, er vallen slechts een paar spatjes en het onweer blijft uit.

Na weer een frisse nacht staan we bijtijds op en overleggen we wat we gaan doen. Vertrekken of blijven? Want de wind zou volgens de Marifoon kracht 6 krijgen en er hangen nog steeds forse donkere wolken zover we kunnen kijken. De Franse buren gaan naar de kant en nemen een weerberichtje van de computer mee, dat slechts windkracht 3 aangeeft. We vertrekken! Het doel is Astakos, een vissersdorp in een agrarische omgeving op het vasteland (30 mijl verderop), ten oosten van de eilanden Kastos en Kalamos. Onder een grijze hemel varen we voor de vierde keer het kanaal met de woonbootachtige huisjes op palen in. Zodra we op het open water komen en in westelijke richting langs de zandbanken varen hebben we een lekker zeilwindje. We zeilen tot het punt dat we nog zo'n 15 mijl naar het Noorden moeten en op dat moment begint het hard te regenen en wordt het meteen een stuk frisser. Snel een warme trui en de regenpakken aan! Nu we pal naar het Noorden varen vliegen de spetters pal in onze snufferd (nog steeds hebben we de buiskap opgerold in de kajuit liggen) en zien we niet veel meer. En dat terwijl we net om een grote ondiepte en langs een eilandje moeten waar de wind flink doorstaat. Maar gelukkig hebben we onze trouwe plotter die goed laat zien waar we varen. We overwegen nog even om in de dichtstbijzijnde beschutte baai te ankeren en te wachten tot het weer wat opknapt, maar we gaan toch maar verder. Voorlopig blijft het nog donker, we moeten nog een eindje en we hebben geen zin om de nacht in deze baai door te brengen....  Als de regen stopt en de wind afneemt, eten we snel even wat om de honger weg te nemen. We vervolgen onze route naar het Noorden en met de inmiddels wat geruimde wind kunnen we vrij beschut langs de kust omhoog varen, tussen de onbewoonde eilandjes en rifjes door. Na 7 uur varen komen we in Astakos aan en meren we af aan de dorpskade, waar slechts 1 andere zeilboot ligt van een oude Griek die hier zomers vertoeft (hij woont in Patras en heeft 6 kinderen die in zijn huis wonen). We hebben dorst en drinken een biertje in het cafe waar we tegenover liggen. Daarna relaxen we wat aan boord en lopen een rondje door het dorp. Inmiddels is er een grote ‘George Clooney boot' onder Britse vlag komen aanvaren die op ongeveer 2 meter van ons afmeert, met aan boord een stuk of 6 mensen en een babytje. Geen druktemakers, maar de brommende generator staat de hele nacht aan en houdt Peter uit zijn slaap (Femke heeft weer oordoppen in...). De volgende ochtend praat Peter met de Cypriotische bemanning die de boot heeft gehuurd en problemen heeft met de electriciteitsopwekking. Zelf hebben ze ook slecht geslapen en ze bieden hun excuses aan. Geaccepteerd... Deze dag blijven we nog in Astakos en doen we niet veel, beetje zwemmen op het strandje, rondje lopen, internetten en ondertussen babbelen me de Griekse student George die van alles wil weten...en zo vliegt de dag weer voorbij!

Maandag 6 september is het mooi weer en besluiten we naar Kalamos te gaan, waar we aan het begin van het seizoen ook geweest zijn. Een mooi eiland met een leuk haventje, dat onofficieel bestiert wordt door George (met hoed) van het gelijknamige restaurant aan de kade.  We varen het eerste stuk dicht onder de kust en maken dan het oversteekje naar Kalamos. Inmiddels waait het lekker en kunnen we onder een hoek van 45 graden aan de wind met volle zeilen varen! We pikken nog een stukje kust van het naastgelegen eiland Kastos mee en zoeken dan de haven op. George staat al klaar om ons een plekje te wijzen. Hij herkent ons, want de vorige keer dat we er waren vertelde hij dat hij onze boot zo mooi vond en dat hij die best zou willen kopen.. Om vervolgens de problemen te kunnen ontvluchten die hij heeft vanwege een voortslepende ruzie tussen zijn ouders en schoonouders. Die middag ziet Peter tegen de kade een eenzame peddel staan, die een beetje op die van ons lijkt. Hij informeert of de peddel van iemand is (nee, hij staat er al een week) en neemt de peddel mee om te passen. Hij past en zo hebben we weer twee peddels! Die avond eten we natuurlijk  in het restaurant van George, maar de volgende dag gaan we vreemd bij de crêperie aan het eind van de kade die overheerlijke crepes maakt, van hartig tot zoet!

Na een dagje relaxen op Kalamos vertrekken we woensdag naar Sivota, een plaatsje aan de zuidoostkust van het eiland Lefkas, waar we vorig jaar onze flottieljeweek met Age startten. De tocht ernaar toe gaat langs de zuidkant van het mooie eiland Meganissi en wat rotsformaties. Er is weinig wind dus we motoren door het vlakke water de korte afstand bijna 15 mijl. Als we de baai invaren zien we dat er flink bijgebouwd wordt aan de oostkant in de heuvels en dat veel olijfbomen plaats hebben gemaakt voor betonnen casco's, wat de aanblik van de baai geen goed doet. Het dorpje zelf is opgeknapt en de huizen en restaurantjes zijn fris in de verf gezet. We zoeken een plaatsje aan de zuidkant van het dorp en horen na een paar uur onze namen roepen. Het zijn de Nederlandse Peter (alweer een Peter) en Bep die we eerder in Preveza ontmoetten en met wie we een gezellig avondje doorbrachten. We zoeken ze op en drinken samen een biertje in het cafe naast hun boot en praten bij. Zij blijken op precies dezelfde dag als wij uit het water te gaan in Preveza, maar vliegen een paar dagen eerder terug. Overigens hadden wij ons vergist in de terugvliegdatum (26 september) en hadden wij te vroeg gereserveerd voor het uit het water halen (20 september). Het komt er nu op neer dat we pas op 28 september terugvliegen en dat de boot er op 23 september uitgaat.

Omdat we nog maar weinig van Lefkas gezien hebben, besluiten we nog een dagje te blijven en een scooter te huren om het eiland rond te tuffen. Onze nieuwe Oostenrijkse buren hebben beloofd op ons bootje te passen en onder een bewolkte hemel vertrekken we richting het plaatsje Vassiliki, waarmee we linksom om het eiland heengaan. Vassiliki is een surfparadijs vanwege de harde valwinden die daar waaien en dat merken we ook met de scooter! Zodra we in de buurt van Vassiliki komen ontmoeten we in sommige bochten enorme windvlagen en als de wind pal tegenstaat komen we nauwelijks vooruit. Hoewel Femke dringend toe is aan een lekker kopje Espresso (met taart!) tuffen we toch maar gauw door, weg uit dit windgat! We spreken af in het eerstvolgende dorpje Aye Petros (!) wat te drinken. Daar aangekomen zien we alleen een snackbarachtig tentje waar ze waarschijnlijk geen espresso hebben, maar vast wel de gewone Griekse koffieprut. Femke strompelt van de scooter af (achterop een scooter is niet echt fijn voor de rug) en we strijken neer aan een tafeltje, waar nog een volle asbak staat, evenals op alle andere tafeltjes, maar daar staan ook nog lege glazen en flesjes. We wachten tot er iemand naar ons toekomt maar er gebeurt niets... Peter gaat maar even binnenkijken maar ziet niemand achter de counter. Wel allemaal grijze oudjes aan tafeltjes die geld (hun AOW-uitkering?) in ontvangst nemen. De flappen vliegen over tafel en niemand heeft oog voor Peter. Hoeveel trek we ook hebben in koffie, het ziet er niet naar uit dat we geholpen gaan worden, dus we stappen maar weer op. Op naar het volgende dorpje! Pas een uur later komt er een volgend dorpje waar we een paar parasolletjes ontdekken. Koffie? We lopen naar binnen en zien een oud dametje (ze blijkt 83 te zijn) in een zwart gewaad in een omgeving die meer doet denken aan een ouderwetse huiskamer dan aan een cafeetje. Maar ze heeft Griekse koffie, een blikje Fanta Lemon en een rol chocoladekoekjes voor ons. Na deze caffeïnestop gaan we verder naar het Noorden, langs de hoge bergrug van Lefkas waar grote donkere wolken tegen de kammen opklimmen. Inmiddels is het echt fris geworden, heeft Femke haar vest aangetrokken en hoog dichtgeritst en heeft Peter de mouwen van zijn bloes naar beneden gedaan. Onze blote benen hebben kippenvel. Bibberend tuffen we verder langs de Noordkust en dan komt het moment dat we een zijweggetje kunnen nemen dat door het dal naar de oostkust loopt, waar het beduidend warmer is. Een waterig zonnetje komt door en over mooie binnenweggetjes langs olijfboomgaarden komen we bij een verlaten dorpje met een paar huizen en veel ruines. We stappen af en lopen een rondje. Dichtbij gekomen zien we dat de ruines opgeknapt worden, sommigen huizen hebben al een nieuw dak, anderen hebben nieuwe kozijnen. We ontmoeten een Nederlandse man die op Lefkas woont en hij vertelt ons dat het dorp na de tweede wereldoorlog verlaten is en dat de volgende generatie die in Athene woont, terugkeert naar hun roots en de huizen opknapt om als zomerhuis te gebruiken. We brommen weer verder en komen dan aan de kust bij Nidri, een toeristisch stadje aan een grote baai waar wel honderd schepen voor anker liggen. We hebben honger en eten in een Grieks/Italiaanse taveerna Lam in Lemonsaus met als toetje een flink stuk chocoladetaart. Wel weer veel caloriën maar die gaan er wel af als we naar de watervallen lopen die in de buurt zijn. Het eerste stuk doen we met de scooter tot we niet verder kunnen en een smal paadje moeten volgen. Het water loopt naast ons naar beneden via een kanaaltje en hoe hoger we komen, hoe meer gespetter we horen. Nog een paar trappetjes en paadjes en dan zien we de waterval! Een smal straaltje (het is tenslotte zomer...) valt naar beneden en natuurlijk poseren wij even voor een foto! Met excuus dat het leuk is voor onze site, haha. Dan rijden we terug naar Sivota, doen wat boodschappen en leveren de scooter weer in. We hebben die middag zoveel gegeten dat we 's avonds geen honger meer hebben....

De volgende dag (vandaag 11 september) worden we wakker met het getik van regenspetters op onze dekluiken! We steken ons hoofd naar buiten waar het er grijs en grauw uitziet. Nog maar even niet vertrekken.... We maken een ontbijtje, lezen wat en besluiten nog maar een dagje te blijven. Geen zin om in de regen te gaan varen! Femke maakt met de paraplu een wandelingetje naar het dorp om te kijken of er al een nieuwe Nederlandse krant  is (nee) en later probeert Peter het nog eens (ja). Mét zaterdagkrant zoeken we het terrasje vlakbij onze boot op. Peter verdiept zich in de krant en Femke start de laptop op....

2 reacties | reageer

Van Zakynthos naar Killini naar Messolonghi naar Patras naar Trizonia

Het is alweer maandag 23 augustus en dat betekent dat we nu echt een planning moeten gaan maken voor onze terugtocht naar Preveza, waar de boot op 20 september de kant opgaat. We willen vanuit Zakynthos nog een stukje de Golf van Patras in- en uitvaren (richting het kanaal van Korinthië) en vervolgens via de eilanden Kastos of Kalamos, Meganissi en Lefkas naar Preveza gaan.

De ingang van de Golf van Patras begint  bij Killini, dus dat wordt onze eerste stop na vertrek uit Zakynthos. We zeggen havenmeester Marinos met zijn ronkende motor gedag, zetten de apparatuur aan, en maken de landvasten los. En dan ineens........krak.. Bij een draai linksom schiet het Femke in haar rug, net zoals in Hoorn vorig jaar september. En toen duurde het wel even voordat het over was...Dat wordt dus de komende tijd pijnstillers slikken en niet langer dan een kwartier staan, zitten of lopen, en werk aan de winkel voor Peter, maar daar gaan we maar niet over schrijven....

Afijn, we zetten ons vertrek voort en al snel kunnen we zeilen met zo'n 10 à 15 knopen (ruime) wind. Na een mooi tochtje komen we aan in de veerhaven van Killini (Peloponnesus) van waaruit enorme veerboten vertrekken naar Zakynthos en Keffalonië,  en naar Italië (o.a. Bari, Palermo). We verkennen de haven, die er anders uitziet dan de tekening in onze pilot en op onze plotter. Het blijkt dat er een nieuwe pier is gebouwd voor de pleziervaart, met electra (!) en water, zodat we niet meer bij de veerboten hoeven te liggen die voor veel lawaai en deining zorgen. Hier en daar wordt er nog wat gebaggerd om de laatste ondiepten weg te werken, dus het blijft  opletten waar we varen, maar de dieptemeter  zakt niet onder de 2 meter. Het is rustig aan de kade, waar - anders dan in Zakynthos -  geen brommers en  auto's (nutteloos) heen en weer rijden. Kort na onze aankomst zien we een Bavaria met Nederlandse vlag aan komen varen. Het blijken Monique en Willlem te zijn, die we twee maanden terug in restaurant Sir John op het eilandje Kastos hebben ontmoet. Ik noemde Monique toen ‘Pamela Anderson', omdat ik haar die middag in felrood badpak overboord zag springen om een heklijn naar de wal te brengen. Ze moest daar toen erg om lachen en dat maakt dat ze nu nog precies wist wie we waren. We babbelen wat en gaan dan het dorpje in op zoek naar brood. En we kijken ook gelijk of het plaatselijke watersportwinkeltje peddels verkoopt. In Vathi zijn we namelijk ‘s nachts een peddel van ons bijbootje kwijtgeraakt, gestolen of op een vreemde manier losgeraakt. Knap vervelend want ons bijbootje is nu zo goed als onbruikbaar geworden (omdat we geen buitenboordmotortje hebben). Maar zoals nergens...ook  hier geen peddels...alleen op bestelling maar dat gaat te lang duren. We eten 's avonds wat bij een eenvoudig tentje zonder menukaart en met weinig gasten en kijken uit op alweer zo'n bijzonder Grieks bouwwerk (zie foto..).

De volgende dag  varen we om half 11 uit naar Messolonghi, een stadje aan de noordzijde van de Golf van Patras, dat via een lang kanaal door broeierig moerasgebied met muggen en woonbootachtige huisjes bereikt kan worden. Na een mooie zeiltocht komen we om 16.00 uur in Messolonghi aan, dat een heuse Marina heeft, maar die vinden we te ver van de stad liggen, zeker nu met Femkes rug. We vinden nog een laatste plekje aan de kade langs een groot parkeerterrein met een paar terrasjes, maar het centrum van het stadje blijkt toch nog wel op enige afstand te liggen. De omgeving oogt een beetje ‘shabby' en ook het stadje doet wat verwaarloosd en rommelig aan. Duidelijk geen ‘toeristenstad' en dat heeft toch ook wel weer wat. De Britse buurman waarschuwt ons alvast voor de herrie ‘s nachts, die hij probeert te ontlopen door even verderop voor anker te gaan. En inderdaad...die nacht horen we de verschillende muziek van twee tentjes en een liveoptreden tegen elkaar opboksen.

Na een (voor Peter) korte nacht zetten we koers naar Patras, de enige (echte) stad van de Pelopponesus en tevens tweede haven van Griekenland (na Pireus, Athene). Na een zeiltochtje van bijna 20 mijl komen tegen een uur of drie de grote ferries in beeld, die ons helpen bij het vinden van de juiste haveningang (volgens de pilot links van de ferries). We krijgen een mooi plekje in de haven toegewezen met uitzicht op een parkje, waar 's avonds druk geflaneerd wordt en verliefde stelletjes samenkomen (drie avonden lang zien we hetzelfde kleffe stelletje urenlang verstrengeld zitten). Langs de haven liggen in totaal een stuk of 5 cafeetjes/lunchrooms en op zoek naar internetverbinding klopt Femke bij alle tentjes aan, maar niet één heeft internet.  En het 24-uurs internetwinkeltje een straat verder is failliet.  Wel bijzonder, aangezien we tot nu toe tot in iedere uithoek konden internetten als we wilden. En in de derde grote stad van Griekenland slechts met moeite! Opmerkelijk is ook dat Patras geen echte taveerna's heeft en dat we, na het hele centrum doorgestrompeld te hebben (Femke), uiteindelijk bij een fastfoodtentje zijn neergestreken. Waar ze overigens  wél heerlijke Italiaanse pizza's en pastas hadden!

De volgende dag doen we boodschappen, eten we taartjes, tanken we onze jerrycans vol met diesel en lezen we wat. Iedere avond komen er rond een uur of 10 een paar jongens met visnetjes en brood op de steiger  om visjes te vangen (die ze meenemen om thuis op te eten).  Ze scheppen en scheppen en gaan dan rond middernacht met een paar visjes weer op huis aan. Op een avond bedenkt Peter om vanuit het bijbootje mee te gaan vissen met zijn schepnet.  Eerst lokt hij wat met gezoet meel, dan voert hij met stukjes brood terwijl hij zijn schepnet onder water klaar houdt... om op het juiste moment op te halen... met een stuk of 15 spartelende vissen erin! Wij eten de vissen niet, maar de jongens zijn er heel blij mee en nemen de vissen verrast en lachend in ontvangst. Peter krijgt als dank het blikje Heineken bier en het frisdrankje dat ze bij zich hadden... De volgende avond zien we ze niet meer vissen...waarschijnlijk hadden ze genoeg voor een paar dagen!

De volgende ochtend willen we verder, naar Navpaktos of naar het eilandje Trizonia, aan de andere kant van de enorme brug over de Golf van Patras, maar we treuzelen teveel en varen pas om kwart voor 12 uit. Nu bouwen ze bruggen altijd op de plek van de smalste doorgang tussen twee plaatsen en dat betekent ook dat de wind daar ‘tunnelt' en flink kan doorstaan.  Zo ook in de Golf van Patras. Al na een uurtje blijkt dat we te laat zijn vertrokken en dat de golven zich al flink opbouwen. En waar de wind buiten de haven nog een mooi briesje mee was, wordt het richting brug al snel windkracht 6 tegen. We moeten ons ‘verlies nemen',  hebben geen zin in urenlang gehobbel en gespetter, en varen terug, om de volgende dag opnieuw - maar dit keer vroeg - te vertrekken.

Het wekkertje gaat de volgende ochtend om half 8 en om kwart voor 9 tuffen we de haven uit richting brug. Bij vertrek staat er nog geen wind, maar tegen de tijd dat we de brug naderen (10 uur) staat er een niet verkeerd briesje. 5 mijl voor de brug melden we ons braaf bij Rion Traffic, het station dat alle scheepvaartverkeer rondom de brug begeleidt. De beambte vraagt hoe lang onze mast is en zegt dat we tussen de eerste en de tweede pylon (geteld vanaf het Noorden) mogen doorvaren. Vervolgens moeten we ons 1 mijl voor de brug opnieuw melden. De zon, de schittering op het water en de brug zorgen voor mooie plaatjes, dus al fotograferend varen we onder de brug door. Na korte tijd komen we langs Navpaktos, een vestingstad met een piepklein haventje waar volgens de pilot maar zelden plek is. We turen door de verrekijker en besluiten door te gaan naar het eilandje Trizonia. We willen niet gokken en varen nog lekker, dus.....! De teller staat op 24 mijl als we tussen het vasteland en het eilandje Trizonia doorvaren en klaar zijn om de haven binnen te gaan. Volgens de pilot heeft Trizonia een voor Griekse begrippen uitstekende haven, maar verder hebben we geen informatie over het eilandje kunnen vinden. We zijn benieuwd! We sturen de bocht in en zien dan een baaitje met wat huizen, drie restaurantjes, een hotel en twee kerken. Het ziet er heel lieflijk uit en we zijn aangenaam verrast. Voor de haven moeten we nog een bochtje verder, ook al zo'n schattig baaitje met inderdaad allemaal steigers om aan te leggen. Maar al snel zien we dat de steigers niet goed afgewerkt zijn en er geen water en electra is. Later horen we dat Trizonia Europese subsidie heeft ontvangen voor het bouwen van het haventje, maar dat de subsidie terugbetaalt moet worden als de haven klaar is. Je raadt het al: die komt dus nooit af! Toch is het een fijne plek om te liggen, mooi uitzicht, goed zwemwater en.....stilte (het eilandje is auto en brommervrij). Die middag zijn de restaurantjes druk bezig de tafels te herschikken en mooi te dekken, en we horen dat er die middag een bruiloft op het eiland plaatsvindt, van een jong (aanstaand) echtpaar uit Athene. Ook het paadje naar de kerk wordt prachtig versierd met bloemen en als we 's avonds een hapje gaan eten, zitten alle bruiloftsgasten aan tafel en is het gezellig druk. Het bruidspaar is nog foto's maken en komt iets later met een bootje aanvaren....en dan wordt er vuurwerk afgestoken, de muziek gaat aan en het is een heel spektakel. Maar...er worden geen borden kapot gegooid... De volgende dag keert de stilte weer terug en is het alsof er niets heeft plaatsgevonden... Eigenlijk moeten we weer terug, maar we vinden het hier wel fijn en blijven nog maar een dagje. Maar dan gaat het flink (tegenwinds)waaien en dat betekent dat we uiteindelijk 5 dagen in Trizonia zullen blijven! Onze Britse buren vóór (Peter en Claire) en achter (Peter en Sue) blijven ook nog even en zo liggen er dus 3 Peters op een rijtje. Je roept er één en er komen er drie... We wandelen en zwemmen een beetje (afhankelijk van Femkes rug die nog steeds niet OK is), vullen de watertank bij met flessen en jerrycans, drinken en eten een hapje aan boord bij Sue en Peter en bezoeken met het pontje en de bus het vestingstadje Navpaktos.  Het is heerlijk hier maar vanaf morgen neemt de wind af en dan moeten we toch echt verder! Of blijven we nog een dagje om Delphi te bezoeken? Wordt vervolgd.....

9 reacties | reageer

Weekje varen met Inez en Carl

Op 12 augustus pikken we Inez en Carl om 22.15 uur per taxi op van vliegveld Zakynthos. Ze hebben er een lange reis opzitten, van Granada naar Londen naar Zakynthos...en reizen maakt hongerig...dus........na het aan boord brengen van de bagage drinken we samen ons eerste biertje en eten we Griekse hapjes op het plein in de stad. We praten en rommelen nog wat aan boord en kruipen na middernacht in onze kooien (Inez en Carl in het ‘puntje', Peter op de bank en Femke in de ‘hondekooi'. Leuk dat ze er zijn!

De volgende morgen staan we vroeg op voor ons tochtje tegenwinds naar Poros, de doorgangspost naar het eiland Ithaka. De vaartijd van 4 uur benutten we om bij te praten en -te lachen en na aankomst in Poros gaan we naar het strandje om te zwemmen en een tukkie te doen. We eten die avond bij een Franse Griek die heerlijke lams- en varkensschotels maakt en de perfecte chocoladefondant weet voor te zetten. Mmmmm!

De volgende dag varen we naar Vathi, waar onze Britse buurman problemen heeft met zijn anker. Peter herhaalt zijn duikactie van de vorige keer en lost het probleem op. Wéér een fles wijn plus het aanbod om de duikfles te laten vullen. Peter kan wel een wijnwinkel beginnen.... In de tussentijd eten Inez en Carl een hapje bij Dimitris en dan is het tijd om te gaan snorkelen aan het strandje met de blauwe vlag. We blijven tot de zon ondergaat en eten avonds weer bij Dimitris, die een autootje voor ons bestelt voor de volgende dag, een groen jeepje.

Het groene jeepje arriveert om half 10 en na een drankje met uitzicht in Perachori rijden we naar een oud klooster via een piepsmalle bergweg van losse keien en zand. We hopen geen tegenliggers te krijgen... Dan gaan we verder langs de kust naar het noorden, naar Stavros waar we crêpes eten, en naar Kioni, waar Peter van een kunstenaar een mooi beeldje koopt van een ‘danspaar'. Via de bergen rijden we terug naar het zuiden, waar we nog wat snorkelen en zwemmen in een baai en waarna we opgefrist een hapje gaan eten in Vathi. Vanaf het terras kijken we ‘harbour tv' en volgen we alle (goede en vooral minder goede) anker- en aanlegverrichtingen van bootjes op het water.

Na een warme nacht zonder wind besluiten we via het zuiden van Ithaka naar Aye Eufemia te gaan. Halverwege is een baai met een eilandje waar we voor anker gaan en waar we wat zwemmen en snorkelen. Al snel volgen er meer bootjes en is het tijd om weer verder te gaan. Zodra we de bocht om gaan vangen we flink wind, maar helaas is onze koers net niet bezeild. We ploeteren daarom met de motor aan tegen de golven in en vangen af en toe wat spetters op. Na anderhalf uur leggen we aan in Aye Eufemia en gaan een hapje eten. Daarna gaat Peter vissen (met kleine duizenpootjes) en gaan Inez, Carl en Femke naar de boot; beetje lezen, slapen en gitaarspelen. 's Avonds drinken we nog wat op het terras met een lekker stuk taart en doen Inez en Femke boodschappen voor de picknick voor de volgende dag.

Na een goede douche en een heerlijk ontbijt op het terras (wafels en crêpes) gaan we voor de picknick naar Ormos Andreou, een klein baaitje met heel helder water aan de zuidkant van Ithaka. We zwemmen en snorkelen en eten daarna onze hapjes, mét de rosé van de Italiaanse buurvrouw! Varend naar Sami kunnen we de genua uitrollen en met halve wind zeilen we over een hobbelig zeetje naar de haven. Aan de kade zien we een passend plekje tussen een zeilboot en een motorbootje in, maar de kapiteins doen alsof ze ons niet begrijpen en halen het bijbootje niet weg, waardoor wij er niet tussen kunnen schuiven. Dan maar snel naar het laatste plekje in de hoek voor het terras, waar we dwars op zijn Hollands afmeren. Gelukt! Vervolgens stappen Peter en Carl  af en gaan naar de zeilboot die weigerde zijn bijboot te verleggen. In perfect Engels vertelt Carl de Britse kapitein dat zijn houding niet erg ‘zeilvriendelijk' is. De kapitein verontschuldigt zicht en zegt dat hij een en ander niet had begrepen (jaja....). Maar zowaar...na een kwartiertje verlegt hij toch zijn bijboot zodat een later binnenkomende zeilboot ertussen kan schuiven. Tijd voor afkoeling! Inez, Carl en Femke lopen naar het strand en ‘klepperen' wat (balspelletje met batjes...).  's Avonds eten we aan het water Griekse hapjes en delen we aan Inez en Carl de ‘bemanningspenning' van de Auriga uit, wegens prima hulp en goed gedrag aan boord (ze weten op het juiste moment de juiste acties uit te voeren én op het juiste moment niet in de weg te zitten).

Mét penning (die overigens van de Keffalonische fles Robolawijn komt) varen we de volgende ochtend naar de baai Ormos Andisamos, bekend van de opnames van de film Captain Corelli's Mandoline. We laten het anker zakken, zwemmen en snorkelen wat en eten de restjes van onze picnick, met ‘tinto de  verano' een zomers spaans drankje bestaande uit een mix van rode wijn (van de Italiaanse buurman) en sprite. Dan gaat de Genua op voor vertrek naar Poros. Met de wind en golven mee schommelen we met een snelheid van 6 à 7,5 knopen met Carl aan het roer naar het zuiden. In Poros zoeken we een plaatsje tussen 2 boten in, waarvan de ankers in tegengestelde richting liggen. Lastig om daartussen nog je anker te plaatsen zonder over die van de buurman te gaan. Bij het achteruitvaren staan dan ook in no-time de bemanningsleden van de schepen druk te gebaren en te roepen dat we over hun ankers heen varen. We proberen het nog maar een keer en hopen er het beste van. Morgenochtend zien we wel weer...

De volgende ochtend worden we om 5 uur bruut gewekt door het gerammel van onze ankerketting doordat er  twee schepen  proberen te vertrekken. Ze varen daarbij over onze ankerketting heen, maar die blijft gelukkig goed liggen. Wel hebben ze de 3 kettingen van onze buurboten te pakken, waarvan de bemanning inmiddels in pyjama op het voordek staat toe te kijken. Na ruim twee uur prutsen en duiken zijn ze vrij van de ankerketting van onze buurboten, maar ligt hun eigen anker op de bodem (niet geborgd...)!  Vervolgens blijkt dat ook de buurman van onze buurman al wil vertrekken. Om 7.00 uur! Hij roept en gebaart dat wij eerst wegmoeten omdat wij over zijn ankerketting heen liggen. Hoewel het hem waarschijnlijk wel zou lukken met wegvaren (even lijntje knopen en anker laten zakken), besluiten we maar op te staan en te vertrekken.  De zon schijnt inmiddels haar eerste stralen op de kust van Keffalonië.  De eerste 2 uur suffen we nog wat voor ons uit en dan gaan we aan het ontbijt. Inez heeft ontdekt dat we nog Hollandse soep aan boord hebben en wil als ontbijt graag een groentesoepje! De drie mokken gaan er snel in (de rest houdt het bij brood en yoghurt). Dan gaat Femke even een tukkie doen. Bij het wakker worden is het 11 uur en is de haven van Zakynthos al in zicht! Zo vroeg zijn we nog nooit aangekomen! Er is nog plek genoeg en na aankomst zoeken we weer een restaurantje op in de stad.  Daarna vinden we het tijd voor een siesta, tenslotte waren we vroeg op! Na de siesta rommelen we wat aan boord en gaan 's avonds nog even de stad in, waar het gezellig druk is. We eten samen nog een laatste hapje en drinken nog een laatste biertje en dan.....naar bed!

De wekker haalt ons om half 8 uit onze slaap en na een snel ontbijtje brengen we Inez en Carl weer met de taxi naar het vliegveld, waar hun vlucht naar Londen helaas weer anderhalfuur vertraging heeft. Bij de incheckbalie nemen we afscheid....van Inez en Carl én van een gezellige week! 

3 reacties | reageer

Van Zakynthos naar Ay Nicolaos naar Argostoli naar Poros naar Vathi

Na het afscheid van Age en Tanny is ons doel Argostoli, een mondain stadje aan de zuidwestkant van het eiland Keffalonie. Een flinke tocht tegen de heersende Noordwestenwind in, die tussen de eilanden Zakynthos en Keffalonie hard kan doorstaan en aardige golven met zich mee kan brengen. Daarom maken we na een mooie zeiltocht langs de noordkust van Zakynthos een tussenstop in Ay Nicolaos, een kleine nederzetting aan de Noordwestkust van Zakynthos, van waaruit veel toeristen de befaamde blauwe grotten van Zakynthos bezoeken. De tripbootjes varen met hoge snelheid af en aan, de afgemeerde zeilboten steeds hobbelend in hun hekgolven achterlatend. Maar om 17 uur, als de toeristen terugkeren naar hotel of appartement, keert de rust terug en blijven alleen de zeiljachten over, waarvan de bemanning boodschappen doet, wat drinkt en een hapje gaat eten. We liggen naast een Nederlandse flottielje met op het ‘moederschip' een piepklein (voormalig zwerf)poesje, dat nieuwsgierig de omgeving verkend.

De volgende ochtend vertrekken we op tijd voor de tocht naar Argostoli, maar niet nadat we eerst nog even langs de blauwe grotten zijn gevaren! Er staat redelijk wat wind en op de genua zeilen we het eerste stuk...totdat de wind gaat ruimen en toeneemt. We zijn nog niet eens halverwege en dat betekent dat we de rest van de tocht moeten motoren tegen wind en golven in. Na een halfuur ploeteren met plenzen zout water in onze snufferd  (we varen sinds een tijdje zonder buiskap), vragen we ons even af of we niet terug moeten gaan. Maar aangezien de omstandigheden hier vaak zo zullen zijn, besluiten we door te zetten. We kijken maar niet meer op de snelheidsmeter en op ons horloge, we zien wel wanneer we aankomen! Na een paar uur hobbelen komen we bij de ingang van de baai en worden de golven iets minder, maar dan is het nog een halve paperclip varen tot het stadje. We komen langs de vuurtoren, een soort theehuisje dat een geschenk was van de Britten, en we varen onze laatste mijlen naar de stad. Er is gelukkig genoeg plek aan de stadskade en we zoeken slim een plekje aan lij van een enorm motorjacht, zodat we minder last van de zijwind hebben met afmeren en vervolgens beschut liggen. De rest van de week zijn we buren, wij en de Italiaanse George Clooney (ja dames!) van het motorjacht van (wat we later vernemen) twee miljoen euro. Naast ‘George Clooney' liggen nog twee van die bakbeesten, vaak met 1 of 2  Fillippijnen aan boord voor de dagelijkse zorg van de boot. Toeristen die langslopen vergapen zich aan de jachten en maken foto's en wij met ons kleine scheepje liggen ernaast....Maar niemand die van ons bootje een foto maakt....Wél veel mensen die ons bootje erg mooi vinden en vragen wat het type is en wie de ontwerper is. En dat is toch ook leuk....

We blijven in totaal 5 dagen in Argostoli. We liggen prima en er is veel te zien en doen in de omgeving. We wandelen, lezen, huren een scooter (zuidelijk rondje Keffalonie), zwemmen, shoppen, nemen de veerboot naar Lixouri en eten iedere avond in een ander tentje. We zien de gevolgen van de staking van vrachtwagenchauffeurs; lange rijen bij de pompen waar nog benzine te krijgen is en minder autoverkeer over de stadskade. Het duurt een paar dagen en dan komt het transport weer op gang (later bij Poros zien we een marineschip varen met een lading brandstof om af te leveren). En dan komt het moment om weer om verder te gaan. Wonder boven wonder staat er op onze vertrekdag weinig wind en motoren we  de ‘paperclip' uit naar open zee en langs de zuidkust van Keffalonie weer naar Poros.

We overleggen welke route we nu gaan nemen. We hebben 2 gebieden bij de Ionische eilanden tot nu toe laten liggen; het eiland Lefkas en de Golf van Patras, die leidt naar het kanaal van Korinthie. We besluiten deze gebieden te ‘bewaren' voor de terugweg naar Preveza, na het bezoek van Inez en Carl uit Spanje. Tot aan hun komst op Zakynthos (12 augustus) zullen we 'in de buurt blijven'. We gaan naar Vathi op het ‘Odysseuseiland' Ithaka, een plaats waar we nog niet zijn geweest. De baai staat bekend om zijn enorme valwinden in de middag en in de avond, de hardste van de Ionische eilanden. En inderdaad, zodra we ons zeil hebben laten zakken en de baai indraaien, voelen we de windvlagen. Maar het is goed te doen,  zelfs het ankeren (op 16 meter diepte) en achteruitvaren met harde zijwind gaat prima. We horen van de Nederlander die onze heklijnen aanpakt dat het afgelopen nacht windkracht 8 was.
We liggen niet aan de drukke en warme stadskade van Vathi, maar aan een stille kade ietsje noordelijker in de baai op zo'n 15 minuten lopen van Vathi én op zo'n 10 minuten lopen van het mooie strandje Lourdata, geliefd bij de Grieken. Vanaf onze  plek hebben we een prachtig zicht op Vathi en het oude bergdorpje Perachori. Sprookjesachtig als het donker wordt en de talloze sterren zichtbaar worden! Ook op Vathi blijven we een paar dagen liggen. We verkennen het stadje, snorkelen bij  het Lourdata strandje, Peter vist (kleine visje gevangen), Femke wandelt in de hitte de berg op naar Perachori, en we luieren veel! Eén dag is Peter ‘de held van de dag' als bij de ankermanoeuvre van een Italiaans zeiljacht de ankerketting muurvast komt te zitten aan de ankerketting van een Maltees zeiljacht... Na een halfuur ploeteren van de bemanning biedt Peter aan te gaan duiken. Met alle duikspullen in het bijbootje van een Italiaanse buurman (iedereen ‘bemoeit' zich ermee en levert een aandeel) varen we naar het zeiljacht, dat het anker op ongeveer 20 meter diepte heeft liggen. En dan gaat Peter naar beneden en volgt de ankerketting.... Na twee pogingen lukt het hem de ankerkettingen los van elkaar te krijgen en kan het zeiljacht opnieuw ankeren en aanleggen. Iedereen blij en Peter hijst zich weer aan boord van het bijbootje van de Italiaanse buurman, maar die krijgt de buitenboordmotor niet meer aan de praat. Iedereen op de kade heeft staan toekijken, ook een Nederlander die snel in zijn bijbootje springt en ons op sleeptouw neemt. Terug aan de kade ontvangt Peter als dank van de Italiaan en Maltezer drie flessen wijn, waarvan wij er eentje doorgeven aan de Italiaan van het bijbootje. In drie dagen tijd hebben we 4 flessen drank ‘gescoord'! Op de dag van aankomst ontvingen we al een fles rosé van de Italiaanse buurvrouw die zij weer had doorgegeven van háár buren, die een wat moeizame ankermanoeuvre uitvoerden waar wij wat overlast van hadden..... Gelukkig komen Inez en Carl volgende week om met ons al die flessen leeg te drinken!  

4 reacties | reageer

Weekje zeilen met Age en begroeting van Tanny

Dit keer geen uitgebreid verslag maar een korte samenvatting; te leuk en te warm om lang achter de computer te zitten....Laughing

Op 12 juli pikken we Age om 9 uur 's ochtends per taxi op van vliegveld Zakynthos en na een kop koffie en wat babbelen maken we vaarklaar om koers te zetten naar Poros (Keffalonie). We gaan een ‘rondje Ithaka' doen! Age heeft tussen de finale Spanje-Nederland en de vroege vlucht naar Zakynthos niet geslapen en doet onderweg een dutje. De volgende ochtend varen we naar Ormos Sarakiniko (Ithaka) waar we de nacht voor anker doorbrengen in een baai met valwinden. Onderweg zwemmen en snorkelen we nog wat in Ormos Andreas, een baaitje in het zuiden van Ithaka. De dag erop is het tijd voor het tochtje naar Kioni (Ithaka). Onderweg komen we Jan & Inge en de kinderen tegen en zij besluiten ook naar Kioni te gaan, waar we 's avonds met zijn allen een hapje eten. De volgende dag motoren en zeilen we een mooi stuk om de noordkaap van Ithaka naar Aye Efemia (Keffalonie) met Age aan het roer (wij lekker relaxen). En natuurlijk zwemmen en snorkelen we onderweg nog wat in een baaitje. Na een nacht slapen gaan we naar Sami, een kort tripje en een relaxt dagje waarop we niet veel doen behalve op een terras zitten en wat aankopen doen in de plaatselijke ‘boot-tuin-gereedschapswinkel'. De volgende ochtend is het helaas al weer tijd om de terugweg in te zetten naar Poros, van waaruit we de dag erop weer naar Zakynthos varen. Wat is de week snel voorbij gegaan! Age, dank voor de gezellige week!

Op 19 juli vertrekken we samen met Age per taxi naar het appartement in Kalamaki om Tanny te begroeten, die samen met Age nog 12 dagen op Zakynthos blijft. We zwemmen en eten wat in en rondom het zwembad en 's avonds gaan we met een taxi weer naar de Auriga in Zakyntos stad.

De volgende dag varen we naar de grote baai van Lagano in het zuidoosten van Zakynthos, naar Ormos Keri, een baaitje bij het plaatsje Limni Keri. De baai is bekend vanwege de vele schildpadden die hier elk jaar hun eieren in het zand leggen, maar dat gaat niet goed samen met de enorme toeristenmassa die in de zomer de stranden van Lagano bevolkt. We hebben het plan om een paar dagen voor Limni Keri te blijven liggen om weer een paar duiken te maken en om nog een keer met Age en Tanny af te spreken. Als we die middag na verschillende ankerpogingen eindelijk goed liggen, kijkt Peter naar de wal en ziet dan Age en Tanny lopen, die de 20 kilometer van hun appartement naar onze boot te voet hebben afgelegd! Peter haalt hun rugzakken op met de bijboot en Age en Tanny zwemmen achter Peter aan, naar ons bootje. Daar drinken we wat en gaan dan zwemmend en met de bijboot naar de wal om een hapje te eten naast het duikcentrum. Daar spreken we af om de volgende dag te gaan duiken. Ze komen ons om 9 uur oppikken met een bootje!

De volgende ochtend om 9 uur stipt worden we opgehaald door Manfred, een stoere Duitser met een paar tattoes. We gaan twee duiken maken, één bij het eiland Marathonissi en één bij de grillige zuidoostkust van Zakynthos. We duiken samen met twee leuke rotterdammers met wie we na afloop nog wat drinken. Helaas weer weinig vis onder water (en ook geen schildpad gezien!), maar wel mooi begroeide grotten en steenpartijen waar we tussendoor zwemmen. Ook de volgende dag maken we nog twee duiken en dan vinden we het tijd om weer te verkassen. We gaan terug naar Zakynthos stad en stellen Age en Tanny voor om nog een dagje samen een auto te huren en rondom het eiland te toeren. En dat doen we! De dag erop rijdt Age ons het eiland rond en af en toe stoppen we voor een kopje heerlijke Illy-koffie met super crepes, een wandelingetje, een fotomoment of een zwempartij. We krijgen een goede indruk van het eiland, dat buiten de drukke toeristenstranden veel mooie en rustige plekken heeft.  Aan het eind van de dag zijn we allemaal gaar en zakken we neer bij een goed Italiaans tentje in Zakynthos stad. En nemen we afscheid van elkaar. Age en Tanny blijven nog een weekje op het eiland en wij gaan weer verder....... Nog drie weken te gaan voor het volgende bezoek,  van Inez en Carl uit Spanje!

7 reacties | reageer

Van Palairos naar Kalamos naar Porte Leone naar Kastos naar Kioni naar Aye Efemia naar Sami

Vandaag verlaten we het vasteland om de eilanden Kalamos en Kastos te gaan bezoeken. In Port Kalamos hebben we afgesproken met Jan & Inge en hun kinderen Sophie en Max. Met hen zijn we op 12 april per vliegtuig uit Nederland vertrokken, de boten op de dieplader, de Mumbo Jumbo voorop en de Auriga erachter. We hebben elkaar sinds Cres in Kroatie niet meer gezien, maar hebben steeds per sms contact gehouden. Nu we in elkaars buurt zijn is het leuk om af te spreken en verhalen uit te wisselen. Het is zo'n 15 mijl varen en er staat weinig wind dus de motor gaat aan en langzaam tuffen we richting Kalamos met de zon op onze bol. Het is een mooi gebied met hoge bergen aan de kust en overal eilanden; Lefkas, Skorpios (het eiland dat ooit van Onassis en Jacky Kennedy was), Meganissi, Kalamos, Kastos... We passeren het plaatsje Mitikas en zien aan de kade een boot liggen die verdacht veel op de boot van Jan & Inge lijkt. We kijken door de verrekijker en zien Jan, Inge en de kinderen in hun bijbootje, die nog even flink gebunkerd hebben in een supermarkt. We begroeten elkaar en varen samen op richting Kalamos en maken ondertussen foto's van elkaar.  Altijd leuk om foto's van jezelf in een varende boot te hebben! We varen de smalle haveningang van Kalamos in en zien dat er nog plek is om naast elkaar te liggen, gezellig! We moeten wel afmeren naast een paar flinke rotsen onder water, maar met de goede aanwijzingen van George (restauranthouder en bootjesopvanger) lukt het goed. Kalamos is een rustig plaatsje met een paar restaurants en een propvol supermarktje rondom de haven en wat huizen, een cafe, een kerk en een bakker hoger op de heuvel, te bereiken via een supersteile weg. Na de lunch, wat zwemmen, snorkelen en voetbal kijken op het terras van restaurant George, blijven we met zijn allen een hapje eten. Leuk om elkaar weer te zien!

De volgende ochtend trotseert Inge de steile weg naar de bakker en brengt ons vers brood. Wat een verwennerij! We hadden aangeboden een ochtend bij de kinderen te blijven, zodat Jan & Inge samen een lange wandeling in de bergen kunnen maken. Dus na het ontbijt installeren we ons op hun boot en doen we spelletjes, lezen we voor, vegen we billen af, maken we tekeningen, tot Jan & Inge weer terug zijn.  's Middags roeien we met de bijboot naar een strandje in de buurt om te snorkelen, een makkie met de wind mee, maar terug roeit Peter zich bijna een hartaanval tegen de wind en stroom in. 's Avonds gaan Jan & Peter nog een biertje drinken bij George en leest Femke verder in het laatste deel van Stieg Larsson.

Het is vandaag woensdag 30 juni en we hebben besloten met zijn allen naar de baai van Porte Leone te varen, zo'n 10 mijl zuidelijker. Daar is een verlaten dorp met een kleine kerk die nog onderhouden wordt. De bewoners van het eiland zijn in het verleden vertrokken naar Nieuw Zeeland, deels na de tweede wereldoorlog, deels na de zware aardbevingen van 1953 die hier en op de eilanden Keffalonia en Zakyntos diepe sporen hebben nagelaten. We gooien het anker uit naast Jan & Inge, die met een heklijn op de kop van een piertje liggen. Met de bijboot varen we naar de wal om de resten van het verlaten dorp te bekijken. We lopen wat langs de ruines en de kerk en brengen de middag op en rond de boot rond (mooi snorkelen!). Tot we wat Grieken met motorbootjes zien aankomen met brood en we de kerkklokken horen luiden. Zou er  een dienst zijn? Snel trekken we onze nette jurk aan met vestje om de blote schouders en varen we met zijn allen naar de wal. Inderdaad is er een speciale dienst en we zijn welkom! Stil betreden we het kerkje en zoeken een plaatsje naast de in totaal zo'n 10 bezoekers, allemaal vrouwen en kinderen. Twee mannen zingen om beurten uit volle borst Griekse kerkliederen, afgewisseld met de zang van een orthodoxe priester, met pikzwart haar en dito baard. We verstaan er niets van en het valt ons op dat ze hun kruis ‘andersom' slaan; boven, beneden, rechts en dan links. De kleine Max is onder de indruk van de zang en gaat ineens meezingen....Dan is het tijd voor het zegenen van de broden, die voor het altaar staan met een kaars erin. En plotseling is de dienst afgelopen en komen we niet weg zonder allemaal een flink stuk brood mee te nemen. Vers, met zachte korst en later aan boord met wat pesto smaakt het prima! We proeven de wierook niet... Buiten krijgen we een beker met nootjes en wat drank erin. We vragen of het een speciale dag is en dat is het geval. Tweemaal per jaar, op een dag in juli en in november worden in heel Griekenland ‘heiligen' geëerd, maar hoe het precies zit is ons niet helemaal duidelijk. En morgenochtend tussen 7 uur en 10 uur is het feest en komen alle bewoners van het eiland (en dat zijn er 100) naar het verlaten dorp. En veel komen er met een bootje dus het zal lekker rumoerig worden in de stille baai! Kunnen we wel blijven liggen? Jan en Inge liggen het meest in de weg met hun boot en zetten voor de zekerheid hun wekker om half 7. Die avond zien we rond een uur of 9 als het donker is een felle oranje gloed en wat rook opstijgen achter de ruines. Zou er brand zijn? Of een barbecue? Voor de zekerheid gaat Jan even kijken met de bijboot. Na een uur is hij nog niet terug dus het zal wel een barbecue zijn met veel eten en drank! En de gastvrijheid van de Grieken kennende....... Inge vraagt of ze ons bijbootje kan gebruiken en gaat ook een kijkje nemen terwijl wij de slapende kinderen in de gaten houden. Om half 12 horen we Inge terugkomen met de bijboot en vertelt ze dat er een Grieks feestje op de wal is met alleen maar mannen, eten en drank! Ze heeft Jan achtergelaten, die houdt het nog wel even uit.

De volgende ochtend worden we om 7 uur wakker van het rumoer in de baai...bootjes komen aanvaren en gebaren dat we weg moeten om plaats te maken. Jan & Inge zijn al druk in de weer om de boot los te maken en ergens anders opnieuw te ankeren. Slaapdronken en wat sjaggerijnig stappen we ons bed uit en maken ook wij de boot los en halen we het anker op.  Op onze nieuwe plek slapen we nog wat en na een ontbijtje vertrekken we (na afscheid van Jan & Inge) naar het naastgelegen eilandje Kastos. In de baai gooien we het anker uit en plaatsen 2 heklijnen op de kade, maar de houdkracht is (zoals de pilot al vermeld) slecht. Peter stapt daarom in de bijboot en brengt het tweede anker uit. En die houdt prima. Mooi, kunnen we rustig slapen vannacht.  Femke snorkelt, we doen boodschappen en 's avonds eten we in het restaurantje Sir Johns. De weg ernaartoe gaat via een steil zandpaadje en door dichte struiken en even twijfelen we of we wel goed lopen. Maar dan zien we het terras met uitzicht en de volle tafels. Heerlijk gegeten en kennis gemaakt met een paar andere Nederlanders. Na onze terugtocht in het donker komt Femke erachter dat ze vergeten is haar fototoestel mee terug te nemen, die ze in het restaurant in het stopcontact had gestopt om op te laden. Peter is zo lief de steile zandweg weer op te gaan in het donker......

Vrijdag 2 juli vertrekken we richting Ithaka, het eiland van Odysseus! De zee is blauw en rustig en op de motor (geen wind) passeren we het onbewoonde bergeiland Nisos Atoko dat een paar mooie baaien heeft en grillige rotskloven. We varen er vlak langs en inmiddels staat er een aardig windje. De Genua gaat op en met ruim 5 knopen stuiven we op Kioni aan, een kleine baai met dorpje tussen de groene heuvels.  Er is nog plek en 's avonds kijken we op een terras met een paar andere Nederlanders en nog wat anderen de voetbalwedstrijd Nederland-Brazilië, en we winnen! Wauw!

De dag erop blijven we nog een dagje in Kioni. We hebben geen contanten meer en volgens een Griekse dame op Kastos kan je in Kioni geld pinnen, maar helaas, ze vergist zich... Gelukkig kunnen we pinnen in de supermarkt en in het restaurant, maar we besluiten toch maar op zoek te gaan naar een pinautomaat. Hiervoor moeten we naar Stavros, een dorpje aan de Noordoostkant van het eiland. Maar hoe komen we daar? Er is geen bus op zaterdag... We besluiten maar weer te gaan liften, eerder hadden we daar goede ervaringen mee. In de hitte beginnen we te lopen, heuvel op, hijg, puf, wel een mooi uitzicht! De paar passerende auto's zien onze duim niet en Kioni ligt aan een doodlopende weg, dus Femke besluit bij iedere auto midden op de weg te gaan staan zodat er wel gestopt móet worden. En dat werkt... We kunnen tot Frikes meerijden met een Grieks/Nieuw-Zeelandse familie. Daar drinken we wat en krijgt Femke van Peter nog een rood-wit-zwart jurkje voor haar verjaardag dat ze gelijk aanhoudt (lekker koel). In Frikes gaat de duim weer omhoog en kunnen we gelijk instappen bij een dame die naar Stavros gaat. Na een geslaagde pinactie lopen we door het dorpje waar in het park een standbeeld van Odysseus staat en van wie gedacht wordt dat hij zijn paleis in Stavros had. We eten en drinken wat en zien helemaal beneden een mooie baai met strand. Zullen we? We lopen in de hitte de steile weg van zo'n 3 kilometer naar beneden. Leuk, maar moeten we deze weg ook weer naar boven teruglopen? Peter ziet het niet helemaal zitten en dan moeten we ook nog een lift terug zien te krijgen naar Kioni ... Na wat afkoeling aan het strand lopen we terug naar het begin van de steile helling. We lopen achter twee badgasten aan die klaar zijn met badderen en die waarschijnlijk met de auto terug naar huis gaan. Femke spreekt ze aan en vraagt of we toevallig mee kunnen rijden tot bovenaan de heuvel. Dat is geen probleem en als de man vraagt waar we naartoe moeten, biedt hij zelfs aan ons helemaal naar Kioni te brengen, terwijl hij eigenlijk de andere kant op moet!  Maar hij heeft vakantie (ze wonen op het eiland Spetses) en vindt een extra ritje geen punt. Super! Als dank bieden we ze in Kioni een drankje aan, maar dat hoeft niet.

De volgende ochtend staan we op tijd op voor de tocht van het eiland Ithaka naar het eiland Keffalonia. We gaan Noordwaarts en hebben wind tegen, maar zodra we de Noordkant van Ithaka gerond hebben en weer naar het zuiden varen tussen beide eilanden door, hebben we de wind mee en zakken we langzaam af langs de noordoostkust van Keffalonia. We slaan het dorpje Fiskardo in het Noorden over, want dat schijnt erg toeristisch te zijn. Het is namelijk het enige dorpje op Keffalonia dat niet door de zware aardbeving van 1953 is getroffen en dat nog authentieke huizen heeft. We kiezen voor Aye Efemia, ook omdat daar een duikcentrum is en we (voor het eerst tijdens onze vakantie) graag een paar duiken willen maken. In Aye Efemia is genoeg plek aan de kade, komt waarschijnlijk omdat je er moet betalen, 1 euro per meter lengte en dan nog wat voor water en voor elektra.  We zoeken gelijk het duikcentrum op en maken een afspraak om de volgende ochtend 2 duiken te gaan maken. Terug op de boot gaat alles uit de ‘hondekooi' zodat  we bij de kratten met duikspullen kunnen komen.  We hebben er zin zin!

Op maandag 5 juli melden we ons om 9 uur met alle spullen bij het duikcentrum.  Om half 10 moeten we nog even terug naar de boot om te kijken of onze buurboot bij vertrek niet over onze ankerlijn heen moet, want die lijken wat gekruist te liggen. Gelukkig liggen beide ankers vrij en hoeven we niet te klungelen. We maken onze uitrusting klaar, trekken ons pak aan en stappen met nog twee andere duikers uit Londen, de divemaster en de ‘kapitein' in de rubberen duikboot en stuiven met hoge snelheid de baai uit. Het is alweer 2,5 jaar geleden dat we voor het laatst gedoken hebben en de duikers uit Londen zijn beginners, dus we gaan twee ‘makkelijke' duiken doen; niet diep (maximaal 18 meter), zonder stroming, geen grotten, geen wrakken....  Op de duikplek aangekomen plonzen we achterover het water in en na 45 minuten komen we weer boven. Dat was weer leuk! Mooiste dat we gezien hebben waren een stuk of 4 murenen, die prachtig van kleur waren, paarsachtig met geel. Eentje zwom zelfs ‘vrij', verschool zich niet en dat zie je zelden.  Na een korte pauze maken we onze tweede duik, op een plek waar veel vis zit (het duikcentrum voert hier) en een (niet ontplofte) mijn ligt. Het water is op diepte nog vrij fris en je voelt de thermoclines, de overgangen van warmer naar kouder water. Brrr.. Terug op het duikcentrum spoelen we onze duikuitrustig met zoet water uit en hangen alles op de boot te drogen in zon en wind. Moe van het duiken en de stikstof in ons lichaam doen we een heerlijk dutje. 's Avonds lopen we nog een rondje door het dorp en nemen nog een terrasje voordat we in bed naar de dagelijkse karaoke luisteren.

Vandaag, 6 juli, gaan we naar Sami, een stadje dat iets zuidelijker ligt, waar Femke kan paardrijden en waar we 's avonds de wedstrijd Nederland- Uruquay kunnen kijken. De planning is dat we op zondag 11 juli op Zakyntos zijn, want daar komt Age een weekje aan boord om mee te zeilen! Sami is een modern stadje aan een grote baai met zandstrand. En er is van alles te doen, van excursies tot...paardrijden. Bij de plaatselijke VVV legt Femke contact met de (Duitse) ‘stalhoudster' en spreekt af om die avond nog twee uur te gaan rijden. De stal blijkt 5 kilometer buiten de stad te liggen en de stalhoudster biedt aan een taxi heen te regelen en Femke na afloop terug te brengen. De stal ligt op een mooie plek in de heuvels en als Femke aankomt staat ‘haar' paard Luna al klaar. Het is een haflinger, die zeer geschikt is voor het rijden in de bergen over smalle rotspaden. De stalhoudster woont hier al 12 jaar, nadat ze eerst verliefd op het land werd en later op een Griekse man. Ze organiseert paardrijvakanties, maakt trektochten en geeft les aan Grieken en toeristen. Samen trekken Femke en de stalhoudster (naam kwijt) erop uit en de weg gaat omhoog de bergen in, over rotspaadjes, onder laaghangende takken (bukken!), langs de resten van de oude stad Sami, die door de aardbeving van 1953 werd verwoest. Ook passeren we een oude wasplaats met waterbron waar we koud water kunnen ‘tanken'. Ondertussen babbelt de stalhoudster er flink op los en regelmatig houdt ze haar telefoon aan haar oor. Even later hebben we een prachtig uitzicht over de baai en de stad.  Luna was op de heenweg wat traag en hinnikte steeds naar haar vrienden op de stal, maar nu we de terugweg inzetten heeft ze er zin in en stapt ze er vrolijk op los. Terug op de stal worden de paarden afgespoeld en brengt de stalhoudster Femke weer naar de boot. Het valt mee met de spierpijn! Die avond kijken we op een terras de voeltbalwedstrijd Nederland-Uruquay en we winnen weer!

De volgende dag lopen we het dorp in om weer een scooter huren, dé manier om wat van het eiland Keffalonia te zien. We bezoeken eerst de Melissani(druipsteen)grot, een toeristische trekpleister, maar toch leuk om te bekijken. Daarna hobbelen we over binnenweggetjes naar het Noorden van het eiland met prachtig uitzicht op de bergen en bezoeken dan toch het plaatsje Fiskardo. En inderdaad.....vreselijk toeristisch! Aan de kade is het één lang lint van restaurantjes waar overal zeilboten liggen afgemeerd. En om het half uur arriveert er een dikke veerboot volgeladen met touristen. We eten snel een hapje en na een bezoek aan het plaatselijke museumpje en een duik in de nabije baai verlaten we Fiskardo. We brommeren een stukje langs de kust totdat de weg overgaat in een kiezelpad en omhoog kronkelt. Volgens de kaart zou er inderdaad over een kilometer over 2 een wat kleiner weggetje zijn, maar dat het een kiezelpad zou zijn verrast ons. Het eerste stukje gaat het nog wel, maar al gauw slippen we alle kanten op en zijn we bang om een lekke band te krijgen op de scherpe stenen. Af en toe stapt Femke af en loopt een stuk, hopend dat de weg snel weer verhard wordt. Zonder lekke banden of valpartijen komen we uiteindelijk bij de verharde weg. En dan gaan we verder, op naar Assos, een plaats met een burcht aan de Noordwestkant van het eiland. De weg gaat weer steil naar beneden, gelukkig doen de remmen het prima... Het uitzicht is mooi en na een lange afdaling komen we aan in Assos. Het ziet er leuk uit, we lopen een rondje, eten wat en dan gaat de weg weer omhoog. Af en toe moet Peter flink gas geven om door de bochten te komen. Eenmaal op hoogte drijven er flinke wolken onze kant op en de lucht trekt helemaal dicht. Maar we hebben geen keus, we moeten erdoorheen. We doen de lichten aan, Femke schuift nog iets dichter tegen Peter aan en dan gaan we door de wolken! Na een paar bochten klaart het op en zien we weer zon, en in de diepte een azuurblauwe baai.  En dan is het nog maar een uurtje terughobbelen naar Sami. Bij de boot aangekomen zien we dat de boot (te) dicht met de kont naar de kade ligt en direct komen twee buurmannen op ons af. Terwijl wij wegwaren is de ankerketting slap komen te hangen en is de boot naar achteren gewaaid, waardoor die tegen de kade lag te duwen. Samen hebben ze de ankerketting wat ingehaald maar niet te ver, bang dat ze het anker te ver zouden ophalen en de boot helemaal geen houvast meer zou hebben. We bedanken de buurmannen voor hun ‘reddingsactie' maar snappen niet hoe de ankerlijn losser is gekomen. Toen we ankerden zat het anker muurvast in de grond en hebben we de ketting strak aangetrokken....Dan vertelt een andere buurman dat één van de vorige buurmannen bij vertrek met zijn boot te dicht over ons anker heen is gevaren en vast zat in onze ankerketting. Fijn.... We leggen de boot weer goed, eten snel een hapje en gaan dan naar het terras voor de voetbalwedstrijd Duitsland-Spanje. Wie gaat onze tegenstander worden in de finale? Het wordt Spanje, die naar onze mening ‘verdiend' wint.

Vandaag is het donderdag 8 juli en liggen we verwaaid. Vannacht is het gaan loeien en aan de andere kant van de kade klotsen de golven alle kanten op. We blijven nog maar een dagje. Hopelijk is het morgen rustiger en kunnen we verder naar Poros, onze laatste stop voor Zakynthos en de komst van Age!

4 reacties | reageer

Volgende pagina »

Laatste foto's

Laatste foto's
Laatste foto's
Laatste foto's
Laatste foto's
Laatste foto's

Van Vonitsa naar Preveza

Laatste reacties

Meer reacties

Blijf op de hoogte!

Laat je e-mail achter en ik stuur je een mailtje als ik een nieuw verhaal of nieuwe foto's op de site heb gezet.

E-mail adres: